zondag, februari 01, 2026

Ga je in 2026 naar Bali? Deze 13 culturele festivals wil je niet missen

Ga je in 2026 naar Bali en wil je meer zien dan stranden en resorts, dan heb ik hier een overzicht van culturele en religieuze evenementen die in 2026 plaatsvinden in Badung. Badung is het gebied in het zuiden van Bali, met bekende plaatsen als Kuta, Seminyak, Canggu, Nusa Dua en Uluwatu. Het leuke van al deze evenementen is dat ze niet speciaal voor toeristen zijn bedacht, waardoor je het echte lokale leven kunt ervaren.

1. Tumpek Uye Ritual - 7 februari en 5 september 2026, een religieus ritueel waarin dieren worden geëerd als onderdeel van de kosmische balans, bij Uluwatu Temple is dit uitzonderlijk toegankelijk voor bezoekers en draait het vooral om de apen en offers

2. Megegobog - 18 maart 2026, een energiek jongerenritueel in Jimbaran aan de vooravond van Nyepi, met zang, ontmoeting en symbolisch vuurwerpen als voorbereiding op de dag van stilte

3.  Mebuug-Buugan - 20 maart 2026, een volksritueel waarbij deelnemers zich met modder insmeren, speels van buiten maar bedoeld als reiniging en gebed voor veiligheid en voorspoed

4.  Mbed-Mbedan - 26 maart 2026, een zeldzaam dorpsritueel waarbij met natuurlijke wortels uit het kerkhof een krachtmeting wordt gehouden, symbool voor saamhorigheid en bescherming

5.  Mekotek - 27 juni 2026, een van de meest fotogenieke tradities van Badung waarbij dorpsbewoners lange houten stokken tot hoge structuren samenbrengen, begeleid door ritmische klanken

6.  Beachwalk Kuta Fest - juni 2026, een cultureel en lifestylefestival aan Kuta Beach met muziek, kunst en eten, waarin het moderne en historische Kuta samenkomen

7.  Bali Beyond Travel Fair - juni 2026, een internationale reismarkt waar Bali en andere Indonesische bestemmingen zich presenteren aan de wereld

8.  Semarak Pandawa - juli 2026, een breed opgezet festival met cultuur, sport en lokale ondernemers bij Pandawa Beach, gericht op zowel bewoners als bezoekers

9. Sangeh Festival - juli 2026, een cultureel festival bij het apenbos van Sangeh Monkey Forest met aandacht voor traditie, kunst en jong talent

10. Taman Ayun Barong Festival - september 2026, een cultureel evenement rond barongdansen bij Taman Ayun Temple dat inzet op het doorgeven van rituele kunst

11. Siat Geni - 26 september 2026, een spectaculair vuurritueel waarbij jonge mannen elkaar symbolisch bevechten met brandende kokosvezels, als uitdrukking van moed en balans

12.  Perang Siat Tipat - 23 september 2026, een speelse maar rituele ‘strijd’ met rijstkoeken en kussens, begeleid door gamelan, als dankritueel en teken van harmonie

13.  Pandawa Festival - 7 oktober 2026, de afsluiter van het jaar met cultuur, sport en educatie aan Pandawa Beach, waarin Badung zich presenteert als creatieve regio

zaterdag, januari 31, 2026

De middenklasse krijgt van Jetje

Wat was de slogan van D66 ook alweer? ‘Laat iedereen vrij, maar niemand vallen.’ Het klonk warm, sociaal en geruststellend. Maar wie het nieuwe coalitieakkoord leest, ziet iets anders gebeuren. Het is een akkoord van drie partijen, maar D66 tekende er zonder veel aarzeling voor.

De pensioen-/ AOW-leeftijd gaat verder omhoog. Het eigen risico wordt verhoogd. Benzine wordt steeds duurder. Dat zijn ingrepen die  vooral het dagelijks leven van mensen met een modaal inkomen raken. Daar komt bij dat koopkrachtverlies, woonlasten en transitiebeleid via hogere energie- en mobiliteitskosten ook vooral worden afgewenteld op mensen die net te veel verdienen om geholpen te worden. De middenklasse, die werkt, belasting betaalt en zelden ergens voor in aanmerking komt, krijgt de rekening gepresenteerd.

Blijkbaar geldt ‘niemand laten vallen’ alleen voor wie officieel als zielig genoeg wordt aangemerkt. Wie gewoon zijn best doet en net boven alle grenzen uitkomt, mag het opvangen. Onder Rob Jetten krijgt de middenklasse van Jetje, letterlijk en figuurlijk.


 

Afbeelding: gegenereerd door AI

vrijdag, januari 30, 2026

Ammouliani: een kattenhel waar niemand welkom is

Ammouliani, het kleine eiland tegenover Ouranoupolis aan de rand van Athos (Chalkidiki), maakte op mij geen mooie indruk. Het was kaal, rommelig, onaf. Zelfs de weg ernaartoe bevestigde dat gevoel. De boot die je naar het eiland brengt, is eenvoudig, zo’n boot waarbij je het gevoel krijgt dat je zelf matroos bent. Vanaf Tripiti, een kale aanlegplek waar niets is behalve asfalt en een gammele taverna, vaar je in ongeveer tien minuten naar de overkant. Geen havenstad, geen dorp, geen welkom. Je staat daar te wachten in de hitte, tussen beton en leegte, alsof je per ongeluk op de verkeerde plek bent beland. Dat gevoel verdween niet bij aankomst.

Eeuwenlang was Ammouliani bezit van het klooster Vatopedi. Het eiland diende als landbouwgebied. In 1925 veranderde dat abrupt. Het eiland werd afgestaan aan de Griekse staat en toegewezen aan orthodoxe vluchtelingen uit Klein-Azië (Turkije). Mensen die alles waren kwijtgeraakt, moesten hier opnieuw beginnen, op een plek zonder voorzieningen. Die geschiedenis van ontworteling en improvisatie is nooit echt verdwenen; ze zit nog altijd in de structuur van het eiland. Vandaag wonen er ongeveer vijfhonderd tot zeshonderd mensen permanent op Ammouliani. In de zomer groeit dat aantal door toeristen en dagjesmensen.

Wat me al snel bevreemdde, was een ervaring in de plaatselijke kerk. In Griekenland ben ik gewend dat je een kerkdienst altijd kunt binnenlopen. Je komt wanneer je wilt, steekt een kaarsje aan, schuift ergens aan. Je bent welkom. Op Ammouliani gebeurde het tegenovergestelde. We liepen een kerk binnen terwijl er een dienst gaande was en alle hoofden draaiden tegelijk onze kant op. De blikken waren vijandig, gesloten. Het was druk en de deuropening werd letterlijk geblokkeerd door mensen die geen centimeter opzij gingen. We stonden daar, zichtbaar ongewenst. Het voelde als een vijandige, gesloten gemeenschap, iets wat ik nooit eerder heb meegemaakt in Griekenland.

Wat zich in de kerk aftekende, bleek geen losstaand moment. In Griekenland zijn overal zwerfkatten. Meestal hebben ze het niet heel goed, maar ook niet uitzichtloos. Wat ik op Ammouliani zag, was echter geen idyllische kattenkolonie en ook geen tijdelijk probleem. Het was een kattenhel. Ziekte, honger en misvormingen waren geen uitzonderingen, maar onderdeel van het straatbeeld. Katten met ontstoken ogen, vergroeide lichamen, dieren die nauwelijks konden lopen of eten. Het was schokkend. Ik probeerde een van hen een kattensnoepje te geven. Het dier stikte bijna. Niet uit gulzigheid, maar omdat het nauwelijks nog een slokdarm leek te hebben. Dat moment staat in mijn geheugen gegrift. Dit was systemisch lijden. Het deed me vermoeden dat er meer speelde dan alleen verwaarlozing. Op eilanden wordt vaak rattengif gebruikt tegen ongedierte en katten worden daar onbedoeld (of bedoeld?) slachtoffer van. Dat zou kunnen verklaren waarom de katten er op Ammouliani zo gruwelijk aan toe waren.

Tegen die achtergrond kreeg ook die kerkervaring betekenis. De gesloten houding, het blokkeren van de deur, het niet-wijken voor iemand die binnen wil komen. Ik begon me af te vragen of het hier niet alleen ging om katten, maar om een bredere houding tegenover wat lastig is, wat zorg vraagt, wat niet in het gewenste beeld past. Wie te veel is. Wie niet welkom is. Ik heb daar geen sluitend antwoord op.

Juist daarom viel één plek mij in het bijzonder op. Direct naast de aanlegplaats van de veerboot, bij het eerste restaurant aan de kade, liepen twee katten rond. Gezond, rustig, goed verzorgd. Ze hoorden bij het terras, bij de (vriendelijke) mensen. Het contrast met de rest van het eiland had niet groter kunnen zijn. 

Ammouliani is voor mij geen vakantie-eiland geworden en ook geen plek waar ik graag naar terug zou gaan. Het is een plek waar lagen over elkaar heen liggen: een monastiek verleden, een vluchtelingenverleden, een kleine vaste (vijandige) gemeenschap, seizoensgebonden toerisme en een schrijnend kattenprobleem. De katten zijn daarin geen detail, maar een symptoom.

Wat Ammouliani nodig heeft, is een stukje medemenselijkheid en vooral dierenartsen. Daar hoort ook iets fundamentelers bij: stoppen met het gebruik van rattengif of andere middelen die katten langzaam en onzichtbaar vergiftigen en het besef dat deze katten geen overlast vormen, maar levende wezens zijn die lijden. Zolang vergiftiging wordt getolereerd en weggekeken van de zielige hoopjes ellende die je in elke straat tegenkomt, blijven misvormingen en sterfte onderdeel van het straatbeeld. 

Op het dorpsplein staat in grote letters “I am Ammouliani”, bedoeld om je even onderdeel te laten voelen van deze plek. Maar na wat ik hier heb gezien, kan ik dat niet zeggen. Ik bén Ammouliani niet en wil het ook niet zijn. 


Vind je dit interessant? Je kunt je rechtsboven abonneren op nieuwe blogposts.

dinsdag, januari 20, 2026

Hoe slecht is onze topografische kennis eigenlijk? Zelfs TUI raakt de weg kwijt in Griekenland

Het is niet best gesteld met de topografische kennis van jongeren in Nederland. Uit een onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs in 2022-2023 blijkt dat er sprake is van een middelgrote tot grote daling in de topografische kennis. Dat is op zich al zorgelijk, maar het wordt pas echt spannend als zo iemand later bij TUI gaat werken. 

Een van deze leerlingen, waarschijnlijk die met de grote daling in kennis, kreeg bij TUI de opdracht om de Griekenlandvakanties samen te stellen en op de TUI-website te plaatsen. Het gevolg is dat als je naar Panormos op Kalymnos wilt, je naar Heraklion (Kreta) vliegt. Dat is maar liefst 535 kilometer en 17 uur varen op een veerboot verder. Gelukkig kun je een transfer bijboeken.Wie bij TUI boekt, krijgt er soms gratis een cursus eilandhoppen bij. Vakantiegevoel gegarandeerd, maar niet helemaal volgens plan.

Toevallig ben ik vaak op Kalymnos geweest en dan vlieg je naar Kos, dat praktich om de hoek ligt. Toch is de verwarring bij de TUI-medewerker een klein beetje te begrijpen. Het gaat hier om Kastelli Studios en Apartments in Panormos. En ja, Panormos en Kastelli bestaan allebei zowel op Kalymnos als op Kreta. Dat gebeurt in Griekenland voortdurend. Kijk maar eens hoeveel eilanden een plaats hebben die Chora heet. Niet zo vreemd, want Chora betekent simpelweg ‘dorp’.

Als je vakanties samenstelt voor duizenden reizigers, mag je hopen dat iemand even op de kaart kijkt. Moraal van het verhaal: vertrouw niet blind op TUI, maar check altijd of je accommodatie echt op het eiland ligt waar je heen wilt. Anders begint je Griekse eilanddroom heel avontuurlijk… op het verkeerde eiland.


Vind je dit interessant? Je kunt je rechtsboven abonneren op nieuwe blogposts.


woensdag, januari 07, 2026

Een oorlog naast de oorlog

 

Oorlogen spelen zich zelden nog alleen af op het slagveld. Ook conflicten die zich duizenden kilometers verderop afspelen, kunnen diepe emoties oproepen in steden ver weg, woede, verdriet, solidariteit en scherpe polarisatie. Dat geldt niet alleen voor één specifieke oorlog, maar voor vrijwel elk hedendaags conflict dat via digitale media onze levens binnenkomt. De manier waarop oorlog wordt gemedieerd bepaalt hoe wij hem voelen, begrijpen en er positie in kiezen. 

            De mediatisering van het conflict tussen Israël en Gaza

Waarom roept een oorlog op duizenden kilometers afstand zoveel woede, verdriet en polarisatie op in Amsterdam, Londen of New York? Het antwoord ligt in de mediatisering van het conflict tussen Israël en Gaza. Sociale media transformeren dit conflict van een regionale oorlog tot een wereldwijd emotioneel spektakel. Actor-Network Theory helpt te begrijpen hoe mensen en technologie samen handelen.[1] Het Four A's-model van Lewis en Westlund (2015) – actoren, actanten, activiteiten en publiek – maakt zichtbaar hoe deze digitale netwerken opinies vormen en emoties mobiliseren.[2]

De belangrijkste actoren zijn niet alleen soldaten en politici, maar iedereen die het conflict online zichtbaar maakt. Palestijnse en Israëlische burgers delen video's van bombardementen of van hun dagelijkse leven. Journalisten proberen nieuws te verifiëren terwijl de berichtenstroom sneller is dan ooit. Influencers en diaspora-gemeenschappen gebruiken hun platforms om solidariteit te mobiliseren. Een Palestijnse vader die zijn gewonde kind vasthoudt, een Israëlische moeder die in een schuilkelder zit, zij worden via sociale media tot gezichten van het conflict. Mensen wereldwijd voelen zich verbonden met slachtoffers.

De actanten (platforms, algoritmen en technologieën) zijn cruciaal in dit proces. TikTok, Instagram en X bepalen via hun algoritmen welke beelden miljoenen mensen bereiken. Deze algoritmen zijn niet neutraal: ze laten vooral content zien die emotionele reacties oproept, omdat emotie leidt tot meer likes, shares en dus meer betrokkenheid. Een schokkend beeld van een verwoeste school krijgt meer zichtbaarheid dan een genuanceerd nieuwsartikel. Hashtags zoals #Gaza of #StandWithIsrael groeperen berichten en creëren digitale kampen. Smartphones maken het mogelijk om oorlog in real time te delen. Deze technologieën bepalen niet alleen wat zichtbaar is, maar ook hoe mensen emotioneel reageren.

De activiteiten vormen het hart van de emotionele verspreiding. Mensen posten, delen, liken en taggen, maar deze handelingen zijn meer dan informatie-uitwisseling. Een gedeelde video is een moreel statement, een like een vorm van solidariteit. Wanneer een video van een huilende vader die zijn dochters verloor viraal gaat, gebeurt dit omdat het algoritme emotionele content versterkt. De video wordt gedeeld zonder context, zonder verificatie, maar met maximale emotionele impact. Gebruikers voelen directe woede of verdriet en willen hun positie tonen. Elke share vergroot de reikwijdte en mobiliseert meer mensen. Zo ontstaat een kettingreactie waarin emoties wapens worden in een digitale oorlog om aandacht en morele superioriteit.

Het publiek is geen passieve ontvanger, maar wordt actief gemobiliseerd. Miljoenen mensen wereldwijd reageren emotioneel op beelden die hen via algoritmen bereiken. Ze ervaren een directe emotionele schok die tot actie aanzet. Iemand in Europa kan via zijn telefoon live meekijken met een bombardement en voelt zich genoodzaakt positie te kiezen. Algoritmen versterken dit door vooral content te tonen die aansluit bij bestaande overtuigingen: Palestina-supporters zien vooral Palestijns leed, Israël-supporters vooral Israëlische slachtoffers. Het publiek reageert niet alleen online: digitale emoties leiden tot demonstraties, economische boycots en politieke druk op regeringen. Nieuwsorganisaties en politici passen hun berichtgeving en standpunten aan op basis van wat online trending is, waardoor het publiek indirect invloed uitoefent.

De vier categorieën van het Four A’s-Model (actoren, actanten, activiteiten en publiek) hangen nauw samen en versterken elkaar continu. Actoren gebruiken actanten om emotionele content te produceren. Algoritmen selecteren en versterken die content. Activiteiten verspreiden het verder. Het publiek reageert emotioneel en deelt opnieuw, waardoor nieuwe content ontstaat. Een soldaat die weet dat zijn video viraal kan gaan, kiest bewust voor schokkende beelden. Een algoritme dat vooral emotionele content toont, vergroot polarisatie. In dit netwerk is macht verdeeld tussen mensen en technologie: een individuele burger kan met één smartphone-video meer impact hebben dan een traditioneel nieuwsmedium.

Deze mediatisering verklaart waarom het conflict wereldwijd zoveel emoties oproept. Sociale media brengen oorlog in de woonkamer, maar niet objectief, ze tonen vooral wat emotioneel raakt. Algoritmen zijn ontworpen om betrokkenheid te maximaliseren, niet om context of nuance te bieden. Hierdoor ontstaat een versimpeld, gepolariseerd beeld waarin ruimte voor twijfel of grijstinten verdwijnt. Beelden circuleren sneller dan verificatie mogelijk is.

De Actor-Network Theory heeft beperkingen: het verklaart goed hoe alles samenhangt, maar zegt weinig over wie verantwoordelijk is. Wie controleert de algoritmen? Wie verdient aan polarisatie? In een conflict waarin platformbedrijven geld verdienen aan beelden van dode kinderen, zijn dat cruciale vragen die het model niet beantwoordt.

De oorlog tussen Israël en Gaza toont hoe diep mediatisering is doorgedrongen: emoties worden gemobiliseerd door netwerken van mensen en machines. De Actor-Network Theory maakt zichtbaar dat deze emotionele impact geen toeval is, maar het resultaat van hoe algoritmen werken. In digitale oorlog zijn gevoelens wapens geworden en technologie bepaalt welke emoties het hardst raken.


Vind je dit interessant? Je kunt je rechtsboven abonneren op nieuwe blogposts.



[1] Bruno Latour, Reassembling the Social: An Introduction to Actor-Network Theory (Oxford 2005) 63-86.

[2] Seth Lewis en Oscar Westlund, 'Actors, Actants, Audiences, and Activities in Cross-Media News Work', Digital Journalism 3 (2015) 19-37.