Posts tonen met het label Haiti. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Haiti. Alle posts tonen

zaterdag, februari 28, 2009

Haitian Voodoo

Voodoo is een religie die door Afrikaanse slaven naar de Westelijke kuststreek van Amerika en het Caribisch gebied werd gebracht. Daar Voodoo in Haïti vanaf die tijd sterk vertegenwoordigd is, was het bijwonen van een Voodoo ritueel voor mij toch wel topprioriteit tijdens ons bezoek aan Haïti.

Haïti is zo verbonden met Voodoo dat er een bepaalde tak van Voodoo, genaamd Haitian Voodoo, is ontstaan. In dit geloofssysteem met vele rituelen wordt het katholicisme niet verworpen, het wordt gebruikt als een frame waarin de Afrikaanse goden en geesten benaderd kunnen worden om te helpen met de problemen in het leven. Ze geloven dat de Christelijke God, in het Creools genaamd Bondye, zijn engelen naar de aarde stuurt om dichter bij de mensen te zijn. Deze Bondye wordt nooit actief aangeroepen om iets voor de mensen te doen. Dit regelt men met de meer benaderbare geesten, door middel van rituelen die kunnen variëren van het branden van kaarsen tot dierenoffers. Drums en zingen moeten maken dat de Voodoo priester bezeten wordt door geesten, wat belangrijk is om communicatie tussen geesten en mensen mogelijk te maken.

De Voodoo priester die dit alles aan ons zou openbaren bleek een soort hangjongere te zijn, wiens te grote witte onderbroek boven zijn geïmpregneerde lange broek uitkwam. Nog voor deze jonge priester ten tonele verscheen was er een team van trommelaars die al enthousiast bezig waren, met gebonk en gezang , om de weg voor de geesten voor te bereiden. Helaas bleken de geesten de priester niet goed gezind te zijn, want wat hij ook probeerde hij slaagde er niet in een vuur aan te krijgen. Zo was de show al half voorbij toen hij uiteindelijk met wat brandend riet zijn geïmpregneerde kruis en mond in brand probeerde te steken. Daarna peuzelde hij met lange tanden een bierflesje op, en het knappe was dat hij, ondanks zijn vermeende trance, een uitstekend gevoel had voor waar de camera’s zich bevonden. Direct daarna kwam de kroon op zijn voorstelling; het rondgaan met de geldkist. Toen deze vol was ging de priester er als een haas vandoor en waren wij een stuk armer, voornamelijk wat illusies betreft.


maandag, februari 09, 2009

Haïti III

Aangekomen bij het plaatselijke weeshuis zaten de kindertjes al vol verwachting klaar op houten bankjes. Wij konden eindelijk eens ervaren hoe het is als sinterklaas ergens binnen te komen. Men had er ter verhoging van de feestvreugde een catalogus aangelegd met een 20 tal wezen, dit terwijl er ongeveer 200 wezen aanwezig waren. Op de vraag of de adoptiekandidaten aangewezen konden worden werd wat vaag gereageerd met “ze lijken allemaal op elkaar”. Tegelijkertijd werd wel gegarandeerd dat de uitverkoren wees alles zou krijgen wat hem toekwam. Aan de welvarende uitstraling van de vader en zoon die het weeshuis beheerden te zien, waren alleen slechts zij de uitverkorenen aan wie alles toekwam. Een trieste zaak.

Daarna brachten we een bezoek aan een zielige weduwe met slechts 5 kinderen. We troffen een klein vrouwtje aan met een chimpansee-achtige grijns achter een geldpot die wel een miljoen pesos kon herbergen. Elke keer als zij een blanke zag binnenkomen werd de jacht geopend en sloeg ze bijna de tanden uit je mond met de geldpot. Ook triest, maar op een of andere manier wist zij toch weinig sympathie op te wekken.

Wordt vervolgd.

dinsdag, februari 03, 2009

Haïti II

Vanwege een ingewikkelde visumprocedure gingen we niet bij de blauwhelmen in Dajabon de grens over. Veel handiger is om door de bergen bij het dorpje Tiroli de grens over te gaan, daar hebben de mensen namelijk helemaal niets, de douanebeamte is daarom gemakkelijk om te kopen met slechts een flesje cola. De vriendelijke beambte was als een kind zo blij.

Het dorpje Tiroli zelf bestaat uit niet meer dan een verzameling krotten. Tientallen kinderen belaagden bij aankomst ons busje en deze zouden tijdens het hele bezoek niet meer loslaten. Letterlijk want velen wilden aan de hand lopen om hun enige engels te oefenen; "Give me 1 dollar". Buiten die befaamde engelse zin hadden de kinderen van Tiroli nog iets anders gemeen, schimmelkopjes, een penetrante geur en een buitengewoon zakelijk instinct.

Waar al die schimmelkopjes door veroorzaakt werden werd ons al snel duidelijk toen wij een bezoek brachten aan de missionaris, annex apotheek, annex dokter. Wij hoopten op een uitgebreide uitleg over zijn project. Deze was echter zeer beknopt; wijzend naar zijn planken gesealde, nooit gebruikte medicijnen verkondigde hij "This is my project". Om vervolgens met zijn kartonnen inzamelingsdoos te rammelen. Toen onze gids hem vroeg waarom hij een schimmelpatientje, die hij de week ervoor had binnengebracht, en waar de schmimmel nu als een soort blauw gazon op haar hoofd groeide, nog niet had behandeld werd de wilde weldoener erg boos. De gids en alle andere blanken schold hij de huid vol. Wij snapten toch ook wel dat hij daar nog geen tijd voor had gehad? (kennelijk wel om een dure zonnebril te gaan kopen in de Dominicaanse Republiek, ongetwijfeld gefinancierd uit de kartonnen door).
De besmettelijke schimmel tiert vast nog steeds welig rond, ook wij krabben nog regelmatig op ons hoofd.

dinsdag, januari 22, 2008

Geweest of niet geweest that's the question 16:49

Afgelopen week schreef de Amrikaanse piloot Patrick Smith over een interessant vraagstuk; wat zijn de criteria om ergens wel of niet officieel geweest te zijn? Hij komt bijvoorbeeld vaak op luchthavens zonder een voet buiten de terminal te zetten, ben je dan in zo'n land geweest? Of het eiland Hispaniola (dat Haiti + de Dominicaanse Republiek bevat); je gaat naar de Dominicaanse Republiek, wilt dan gelijk Haiti bezoeken, maar de taxi's weigeren daarheen te gaan. En hoe zit het met Japanners, als zij Guam bezoeken zijn ze dan in de Verenigde Staten geweest? Patrick vertelt ook over een treinreis die hij heeft gemaakt van Duitsland naar Hongarije, 's nachts bleef de trein 6 uur stilstaan in Oostenrijk, is hij dan wel ook in Oostenrijk geweest?

Soms maken de landen zelf de antwoorden op dit soort vragen heel lastig. Wat te doen met bezette gebieden, quasi-onafhankelijke staten, protectoraten, etc? Vaticaan Stad is een soevereine staat, politiek gezien, maar geldt dit in de praktijk ook? Telt een bezoek aan Hong Kong ook als bezoek aan China? En wat te doen met Tibet?

Het is bijna een onmogelijkheid om exact te zeggen in hoeveel landen je bent geweest en welke precies. Nu is dat voor de meeste mensen ook niet belangrijk. Wel schijnen er reizigers te zijn die paspoortparties geven; bij elk 50e of 100e land dat zij bezocht hebben.
In ieder geval daagt Patrick Smith iedereen uit met een eenduidig antwoord op zijn vragen te komen en zo een internationale standaard te ontwikkelen.

Voor mij persoonlijk is het gedeeltelijk ook van belang, daar wij met vriend Remco al jaren de standaarden aan het vaststellen zijn voor het kruisjes zetten in het boek "1.000 Places to see before you die" van Patricia Schulz. Trouw zetten wij kruisjes, vergelijken en bespreken het al dan niet mogen zetten van de kruisjes. Gezien het voortschrijden van de jaren komt ook steeds meer het voortschrijdende inzicht dat het godsonmogelijk is al de 1000 plaatsen af te kruisen, en daarmee ook een versoepeling in de discussie of er al dan niet een kruisje gezet mag worden. Het is nu al zo dat alleen maar in de hal van een gebouw staan al geldt voor een flink kruis (mits bewijs op foto). En daarom heb ik ook al maar vast een kruisje gezet mij hotel La Mamounia in Marrakech, ze waren weliswaar aan het verbouwen, maar ik heb toch in de (bouwvallige) tuin gestaan en daar ook nog een foto van gemaakt. Nog maar 879 plaatsen te gaan op de wereld. Binnenkort moeten we toch eens bespreken of virtueel bezoeken van plaatsen ook met een kruisje beloond kan worden, want het is nu eenmaal zo leuk op Telendos en dat is nu net, helaa, een kruisvrije plaats.